Zonne-energie benutten voor voedsel-productie

Het Fonds Natuurinclusieve Streekboerderijen heeft 2 doelen:

  1. Het ecosysteem benutten, met name:
  • De zonne-energie-opvang, en met behulp daarvan CO2-omzetting in organische stof (hout en voedsel) en de distributie daarvan via de “energiedrager” voedsel (via het voedselweb) naar mensen en dieren.
  • weerstandsvermogen en gezondheid verhogen middels biodiversiteitsontwikkeling;
  1. Stimuleren van rendabele voedselproductie, bij voorkeur met minimale kosten voor o.a. extra-energie-input

 

Het Fonds beoogt de doelen in samenhang te realiseren door de oprichting en ondersteuning van natuurinclusieve streekboerderijen. De mens kan de diensten van het ecosysteem beter benutten dan nu in de gangbare landbouw het geval is. Bij betere benutting wordt meer CO2 vastgelegd in organische stof (o.a. voedsel en hout). Dit wordt geproduceerd met behulp van groen oppervlak. De benutting van het groene oppervlak kan o.a. verbeterd worden door:

  • meerjarige groenblijvende planten, op een gezonde bodem zonder water- of mineralen-stress
  • optimaliseren van etage-bouw in hagen en bosranden met goede oriëntatie op de zon; in het voorbeeld van Boer-in-Natuur wordt 8 km haag gerealiseerd op 20 ha.
  • Aanplant met ruimte tussen de hagen en/of tussen bomen voor een rijke onderbegroeiing
  • door de bedekkingsgraad van grond te verhogen; ingeval van éénjarige teelten kan b.v. een 2e gewas ondergezaaid worden om kale bodem en uitdroging te voorkomen.

In het ecologische landschapsontwerp en op de natuurinclusieve boerderij worden de opvang van zonne-energie, omzetting van CO2 in organische stof en distributie van voedsel (energiedrager) gestimuleerd. De productie moet natuurlijk wel in balans moet blijven met de productiviteit van  het  ecosysteem. Als mensen en dieren meer energie of voedsel uit het ecosysteem willen halen dan er middels de zonne-energie geproduceerd wordt, dan ontstaat onbalans die tot afname van biodiversiteit en toename van ziektedruk kan leiden; en dat kan weer tot vermindering van het groene oppervlak leiden waardoor het systeem uit balans raakt en degradeert. Bij optimale benutting (binnen de kantelpunten van het ecosysteem) is er minder extra (fossiele) energie nodig. En 50 jaar geleden was de input van extra energie inderdaad veel lager.

 

Maar in Nederland is de afgelopen 50 jaar het gebruik van extra energie per eenheid output schrikbarend en onnodig toegenomen. Deze toename gaat deels ten koste van het gebruik van zonne-energie, en deels ten koste van de werkgelegenheid in de landbouw. En deze trend zet door; zie Energie-gebruik in landbouw duurzaam?  In de monitoring van natuurinclusieve streekboerderijen worden gegevens verzameld en overleg gepleegd tussen Fonds en Streekboer om deze trend te analyseren en te keren, waar dat op kosten-effectieve wijze mogelijk is. Indicatoren zijn o.a. de vergelijking van de jaarlijkse brandstof en elektriciteitsrekeningen. Ook wordt steekproefgewijs per product berekend wat de energie-balans is; dwz de energiewaarde van een eindproduct (b.v. het aantal calorieën in een kilo appels) vergeleken met de hoeveelheid energie die nodig is om het eindproduct bij de afnemer te krijgen. In toenemende mate blijkt er sprake te zijn van producten met een negatieve energie balans. Dat impliceert inefficiëntie en onderbenutting van het ecosysteem. Het is inefficiënt, omdat de  extra toegevoegde energie indirect ook van de zon afkomstig is. En de indirecte weg is minder efficiënt en stoot CO2 uit. De directe benutting legt bovendien meer CO2 vast. Naast hout is organische stof in de bodem ook van groot belang; zie o.a.: Koolstof beheer handleiding.

 

 

 

 



Kenniscluster(s) in deze publicatie

Invalshoek(en) in deze publicatie